Verplichte aanwezigheid buiten werktijd

26-02-2022

Bij bedrijven is het soms regel dat het personeel iets eerder verschijnt verschijnt of na de dienst iets langer blijft. Soms wordt er geen salaris gegeven voor deze extra tijd. Mag dat wel van de wet?

Wettelijke kaders

Art. 7:610 BW bepaald dat een werknemer recht heeft op loon voor verrichte arbeid. Op grond van art. 7:628 lid 1 BW behoudt de werknemer het recht op loon, uitgezonderd wanneer het niet werken voor rekening en risico van de werknemer behoort te komen.

Wanneer valt het niet werken onder de rekening van de werkgever? Het gaat hierbij bijvoorbeeld om werknemers die ziek of op vakantie zijn, maar ook om uitval bv bij vorst, storingen in het bedrijf of wanneer er onvoldoende werk is. Ook een werknemer die niet werkt omdat hij geschorst is, heeft recht op loon

Belang werkgever

Sommige bedrijven hebben er belang bij dat het personeel eerder op het werk verschijnt, bijvoorbeeld voor omkleden of een naadloze overgang tussen verschillende diensten op de werkvloer. Dat geldt ook voor de tijd die men moet wachten na werktijd, bijvoorbeeld als de zaak sluit maar er nog gasten binnen zijn. Om die reden zijn bij deze bedrijven in de huisregels of in het reglement vastgelegd dat personeel eerder moet verschijnen of moet wachten na werktijd. Indien iemand zich hier niet aan houdt, kunnen er consequenties aan verbonden zijn zoals een waarschuwing of ontslag.

Uitspraak 12-11-2020

In deze zaak had een werkgever een personeelslid op ontstaande voet ontslagen omdat zij niet tien minuten voor aanvang van de dienst aanwezig was. In een zaak van de Rechtbank Limburg van 12 november 2020 oordeelde het hof dat dit ontslag op staande voet niet rechtsgeldig was. Het feit dat de werkneemster akkoord was gegaan met de huisregels waarin deze regel is opgenomen en dat zij reeds eerder hiervoor was gewaarschuwd, is onvoldoende voor een rechtsgeldig ontslag op staande voet.

Als de werkgever werkelijk van mening was dat de aanwezigheid van het personeel tien minuten voor aanvang van de dienst zo belangrijk was dan had het bedrijf ook moeten betalen voor die tijd. Omdat de werkgever dat niet nodig achtte, oordeelde de kantonrechter dat het met het belang van eerder aanwezig zijn kennelijk nogal meevalt. Er is dus niet van een zodanig ernstig verzuim sprake dat ontslag op staande voet als gerechtvaardigd wordt gezien.

Uitspraak 4-11-2020

In deze zaak moest het personeel van een supermarkt het pand samen verlaten na sluitingstijd. Dit in verband met de veiligheid. In een zaak van de Rechtbank Noord-Holland van 4 november 2020 oordeelde de kantonrechter dat het verplicht blijven na sluitingstijd onder werktijd valt. Hoewel in dit geval sprake is van wachttijd gebeurt dit in opdracht van de werkgever. Daarmee valt deze tijd onder het begrip arbeid in de zin van art. 7:610 BW.

De werknemer moet zich immers tijdens de wachttijd beschikbaar houden en volgens de toelichting op art. 7:610 BW is ook het alleen beschikbaar zijn van arbeidskracht voldoende om invulling te geven aan het begrip arbeid. Dat betekent dat het personeel gedurende deze tijd recht heeft op salaris.

Conclusie

Als het voor een bedrijf belangrijk is dat de werknemers eerder komen of langer blijven dan moet daarvoor salaris betaald worden. Deze extra tijd wordt gezien als werktijd danwel arbeid. Hoewel het meestal maar om een paar minuten gaat kan dat met de tijd toch oplopen tot een dag loon. Indien de werkgever hiertoe niet bereid is dan mag zij geen consequenties verbinden als de werknemers zich hier niet aan houden.